Speel cribbage gratis bij Solitaire365, rechtstreeks in je browser en zonder download. Maak combinaties die punten opleveren, kies welke kaarten je houdt en probeer als eerste 121 punten te halen.
Nog nooit gespeeld? Hieronder vind je de spelregels van cribbage in het Nederlands, een puntentabel en duidelijke voorbeelden. Begin met de korte uitleg en ontdek daarna hoe de crib, de startkaart en je keuzes het spel beïnvloeden.
Leer cribbage in één minuut
Zo werkt de gebruikelijke variant voor twee spelers:
-
Jullie krijgen allebei zes kaarten. Iedere speler houdt er vier en legt er twee apart.
-
De vier afgelegde kaarten vormen de crib. Deze extra hand is voor de deler.
-
Er wordt een gezamenlijke startkaart omgedraaid. Die telt later mee bij het waarderen van de handen.
-
Jullie spelen om de beurt één kaart. Het lopende totaal van de kaartwaarden mag niet boven 31 komen.
-
Jullie tellen de punten van de handen. Iedere speler gebruikt de eigen vier kaarten plus de startkaart. De deler telt ook de crib.
-
Jullie delen om de beurt. Wie als eerste minstens 121 punten heeft, wint meteen.
Een aas telt als 1. Nummerkaarten hebben hun eigen waarde. Een boer, vrouw en heer tellen elk als 10 wanneer je kaartwaarden optelt.
Wat is cribbage?
Cribbage is een kaartspel waarin je punten verzamelt met onder meer paren, reeksen en combinaties die samen 15 vormen. Deze uitleg gaat over de variant voor twee spelers met een standaardspel van 52 kaarten zonder jokers. Er bestaan ook varianten voor drie of vier spelers.
Elke deelronde heeft twee momenten waarop je punten scoort. Eerst verdien je punten terwijl de kaarten worden gespeeld. Daarna tel je de combinaties in je oorspronkelijke hand.
Kenmerkend voor cribbage is de crib: een extra hand waaraan beide spelers kaarten bijdragen, maar waarvan alleen de deler de punten krijgt. Welke kaarten je het beste kunt afleggen, hangt dus ook af van wie de crib krijgt.
Bij het traditionele spel worden de punten bijgehouden met pinnetjes op een cribbagebord.
Spelregels van cribbage in het kort
| Onderdeel |
Regel |
| Aantal spelers |
Twee in deze variant |
| Kaarten |
52 kaarten zonder jokers |
| Uitdelen |
Zes kaarten per speler |
| Kaarten op hand |
Vier nadat je twee kaarten hebt afgelegd |
| Crib |
Vier kaarten, twee van iedere speler; voor de deler |
| Startkaart |
Gezamenlijke kaart die meetelt bij de handtelling |
| Eerste kaart spelen |
De speler die niet deelt |
| Grens tijdens het spelen |
Het lopende totaal mag niet boven 31 komen |
| Volgorde van tellen |
Tegenstander van de deler, deler, crib |
| Winnen |
Als eerste minstens 121 punten halen |
Hoe speel je cribbage?
1. Kies welke kaarten je houdt
Van je zes kaarten leg je er twee gedekt in de crib. Je tegenstander doet hetzelfde. Jullie houden ieder vier kaarten over.
Zoek naar kaarten die samen punten opleveren: paren, opeenvolgende kaarten en combinaties met een totaal van 15.
Krijg je bijvoorbeeld 4♣, 5♦, 5♥, 6♠, Q♦ en K♣, dan kun je 4–5–5–6 houden. Daarmee heb je al een paar, twee verschillende reeksen van drie kaarten en twee combinaties die samen 15 vormen.
Let ook op wie de crib krijgt. Kaarten die je graag aan je eigen crib toevoegt, wil je misschien niet aan je tegenstander geven.
2. Draai de startkaart om
Nadat beide spelers hun kaarten hebben afgelegd, neemt de speler die niet deelt een deel van de resterende stapel af. De deler draait de bovenste kaart van het achtergebleven deel om.
Dit is de startkaart, ook wel starter genoemd. Beide spelers gebruiken deze kaart bij het tellen van hun hand. De kaart telt ook mee voor de crib.
De startkaart wordt niet uitgespeeld tijdens de speelfase.
Is de startkaart een boer? Dan krijgt de deler meteen 2 punten. Deze bonus heet in het Engels ook wel heels.
3. Speel kaarten zonder boven 31 uit te komen
De speler die niet deelt, begint. Daarna spelen jullie om de beurt één kaart en tellen jullie de waarde op bij het lopende totaal.
Na een vier en een negen is het totaal bijvoorbeeld 13. De volgende kaart mag dat totaal niet boven 31 brengen.
Je kunt punten verdienen door precies 15 of 31 te bereiken, een paar te maken of een reeks te vormen met de laatst gespeelde kaarten.
Je hoeft geen kleur te bekennen en je verzamelt geen slagen.
4. Pas als je geen kaart kunt spelen
Kun je geen enkele kaart spelen zonder boven 31 uit te komen? Dan pas je. Dit wordt ook go genoemd.
Je mag niet vrijwillig passen als je nog een geldige kaart kunt spelen.
Je tegenstander speelt verder zolang dat mogelijk is. Zodra niemand meer een kaart kan spelen:
-
Krijgt degene die de laatste kaart speelde 1 punt als het totaal onder 31 blijft.
-
Krijgt degene die precies 31 maakte 2 punten, zonder extra punt voor de laatste kaart.
Daarna begint de telling opnieuw bij nul. De tegenstander van degene die de laatste kaart speelde, begint de volgende telronde als die nog kaarten heeft. Anders gaat de speler met overgebleven kaarten verder.
Dit herhaalt zich totdat alle acht handkaarten zijn gespeeld.
5. Tel de handen en de crib
Na de speelfase tel je de combinaties in je oorspronkelijke hand. Iedere hand bestaat nu uit de vier eigen kaarten plus de gezamenlijke startkaart.
De volgorde is:
-
De hand van de speler die niet deelde.
-
De hand van de deler.
-
De crib van de deler.
Daarna wisselt de deler en begint een nieuwe deelronde.
Het spel stopt zodra iemand minstens 121 punten bereikt. De andere speler mag daarna niet alsnog de eigen hand afmaken.
Puntentelling bij cribbage
De puntentelling tijdens het spelen verschilt op enkele punten van de telling van de handen.
| Combinatie |
Tijdens het spelen |
Bij het tellen van de hand |
| 15 |
2 punten als het lopende totaal 15 wordt |
2 punten voor iedere unieke combinatie die samen 15 vormt |
| Paar |
2 punten voor de twee laatst gespeelde kaarten van dezelfde rang |
2 punten per paar |
| Drie dezelfde |
6 punten voor de drie laatst gespeelde kaarten van dezelfde rang |
6 punten |
| Vier dezelfde |
12 punten voor de vier laatst gespeelde kaarten van dezelfde rang |
12 punten |
| Reeks |
1 punt per kaart in een reeks van minstens drie laatst gespeelde kaarten |
1 punt per kaart in iedere afzonderlijke reeks van volledige lengte |
| 31 |
2 punten |
Geen punten |
| Laatste kaart onder 31 |
1 punt |
Geen punten |
| Flush |
Geen punten |
4 of 5 punten; in de crib moeten alle vijf kaarten dezelfde kleur hebben |
| Boer van dezelfde kleur als de startkaart |
Geen punten |
1 punt |
Een boer, vrouw en heer hebben bij het optellen allemaal de waarde 10, maar een verschillende rang. Een vrouw en een heer vormen dus geen paar.
Hoe tel je reeksen?
Een reeks bestaat uit minstens drie opeenvolgende rangen, bijvoorbeeld 4–5–6.
Tijdens het spelen hoeven de kaarten niet in oplopende volgorde te verschijnen. Ook 4–6–5 vormt een reeks van drie kaarten. Het moeten wel de laatst gespeelde kaarten binnen dezelfde telronde zijn. Je mag geen tussenliggende kaart overslaan.
Bij het tellen van een hand telt iedere reeks alleen in zijn volledige lengte. Een reeks van vier kaarten levert 4 punten op. Je telt de kortere reeksen die daarin zitten niet nog eens mee.
Met 4–5–5–6 kun je twee verschillende reeksen van drie kaarten maken, doordat je beide vijven afzonderlijk kunt gebruiken. Dat levert 6 punten voor de reeksen op, plus 2 voor het paar.
De aas is altijd laag. Aas–2–3 is een reeks, maar vrouw–heer–aas niet.
Hoe werkt een flush?
Een flush bestaat uit kaarten van dezelfde kleur: harten, ruiten, klaveren of schoppen.
-
Vier handkaarten van dezelfde kleur leveren 4 punten op.
-
Heeft de startkaart ook die kleur, dan krijg je 5 punten.
-
Drie handkaarten en de startkaart van dezelfde kleur zijn niet voldoende.
-
In de crib moeten alle vijf kaarten, inclusief de startkaart, dezelfde kleur hebben. Alleen dan krijg je 5 punten.
Met dezelfde kleur wordt dus niet alleen rood of zwart bedoeld.
Wat betekent nobs?
Nobs is een bonus van 1 punt voor een boer in je hand of in de crib die dezelfde kleur heeft als de startkaart.
Heb je bijvoorbeeld hartenboer en is de startkaart hartenvijf, dan krijg je één extra punt bij het tellen.
Dit is een andere bonus dan de 2 punten die de deler krijgt wanneer de startkaart zelf een boer is.
Voorbeeld: een hand van 16 punten tellen
Je hebt 4♣, 5♦, 5♥ en 6♠. De startkaart is K♣.
| Combinatie |
Punten |
| 5♦ + K♣ = 15 |
2 |
| 5♥ + K♣ = 15 |
2 |
| 4♣ + 5♦ + 6♠ = 15 |
2 |
| 4♣ + 5♥ + 6♠ = 15 |
2 |
| Het paar 5♦ + 5♥ |
2 |
| De reeks 4♣–5♦–6♠ |
3 |
| De reeks 4♣–5♥–6♠ |
3 |
| Totaal |
16 |
Dezelfde kaart mag in verschillende combinaties worden gebruikt. Je mag alleen niet exact dezelfde combinatie twee keer tellen.
Een handige volgorde is: combinaties van 15, paren, reeksen, flush en tot slot de boerbonus.
Voorbeeld van punten tijdens het spelen
Een telronde kan zo verlopen:
| Speler |
Kaart |
Lopend totaal |
Punten voor de zet |
| Jij |
6 |
6 |
0 |
| Tegenstander |
9 |
15 |
2 voor vijftien |
| Jij |
9 |
24 |
2 voor een paar |
| Tegenstander |
7 |
31 |
2 voor eenendertig |
Na 31 wordt het totaal weer nul. Jij begint de volgende telronde als je nog kaarten hebt.
Dit voorbeeld laat zien dat een zet waarmee jij punten verdient ook een kans kan opleveren voor je tegenstander.
Cribbage-strategie: zes praktische tips
1. Houd rekening met wie de crib krijgt
Als deler scoor je zowel je eigen hand als de crib. Bekijk die twee daarom samen wanneer je kaarten aflegt.
Is de crib voor je tegenstander, wees dan voorzichtig met vijven, paren en kaarten die samen 15 vormen. Breek alleen niet zonder goede reden een sterke eigen hand op om mogelijke punten voor je tegenstander te voorkomen.
2. Houd kaarten die op meerdere manieren kunnen verbeteren
Tel eerst de punten die je al hebt. Kijk daarna welke startkaarten je hand sterker zouden maken.
Een hand die van verschillende startkaarten profiteert, is vaak flexibeler dan een hand die één specifieke kaart nodig heeft.
3. Open niet automatisch met een vijf
Na een vijf kan je tegenstander met een tien, boer, vrouw of heer meteen 15 maken.
Een vijf is niet altijd een verkeerde openingskaart, maar bekijk eerst je andere mogelijkheden.
4. Denk aan het antwoord voordat je een paar maakt
Een negen op de negen van je tegenstander levert 2 punten op. Heeft je tegenstander nog een negen, dan kan die 6 punten scoren voor drie dezelfde, zolang het totaal niet boven 31 komt.
Weeg je directe winst dus af tegen de mogelijke volgende zet.
5. Bewaar lage kaarten als dat gunstig is
Azen, tweeën en drieën kunnen nuttig zijn wanneer het totaal richting 31 gaat. Daarmee kun je soms doorspelen nadat je tegenstander heeft gepast, of precies 31 bereiken.
De beste volgorde hangt wel af van je volledige hand en de kaarten die al zijn gespeeld.
6. Let op de tussenstand
Aan het einde kan één punt tijdens het spelen genoeg zijn om te winnen.
Onthoud ook dat de speler die niet deelt de hand als eerste telt. Een sterke crib helpt niet als je tegenstander al 121 punten bereikt voordat jij aan de beurt bent.
Veelgestelde vragen over cribbage
Kan ik cribbage gratis online spelen?
Ja. Bij Solitaire365 speel je cribbage gratis, rechtstreeks in je browser en zonder iets te downloaden.
Wat is het verschil tussen 31 en 121 bij cribbage?
31 is de grens voor het lopende totaal van de kaartwaarden tijdens het spelen. Na iedere telronde begint dat totaal opnieuw bij nul. 121 is het puntendoel voor het hele spel: wie als eerste minstens 121 punten haalt, wint.
Krijg ik een punt als ik pas?
Niet automatisch. Eindigt de telronde onder 31, dan krijgt degene die de laatste kaart speelde 1 punt. Maakt die laatste kaart het totaal precies 31, dan krijgt die speler in plaats daarvan 2 punten.
Kan dezelfde kaart meerdere keren punten opleveren?
Ja. Bij het tellen van je hand mag dezelfde kaart in verschillende combinaties voorkomen. Twee vijven en een heer vormen bijvoorbeeld twee combinaties van 15, samen goed voor 4 punten. Het paar vijven levert daarnaast 2 punten op.
Wat is de hoogst mogelijke score voor een hand bij cribbage?
De hoogst mogelijke handscore is 29 punten. Je hebt daarvoor drie vijven en een boer in je hand nodig, met de vierde vijf als startkaart. De boer moet dezelfde kleur hebben als de startkaart.
Wat betekent skunk bij cribbage?
Een skunk betekent dat een speler 121 punten bereikt terwijl de tegenstander 90 punten of minder heeft. In sommige wedstrijd- en toernooivormen levert dat meer wedstrijdpunten op dan een gewone overwinning.
Moet ik precies 121 punten halen om te winnen?
Nee. Je wint zodra je 121 punten bereikt of overschrijdt. Dat kan tijdens het spelen, bij het tellen van de handen of wanneer de deler punten krijgt voor een boer als startkaart.
Heb ik een cribbagebord nodig om online te spelen?
Nee. Je hebt geen fysiek cribbagebord nodig om online te spelen. Bij traditioneel cribbage wordt het bord gebruikt om de scores van de spelers bij te houden.
Ontdek meer spellen
Maak je graag kaartcombinaties? Probeer dan ook Rummy. Voor een spel waarin je slagen probeert te winnen, kun je Schoppen spelen.
Wil je liever alleen spelen? Probeer dan klassiek patience.